Wij willen met u aan tafel zitten en in een openhartig gesprek uitvinden welke uitdagingen en vragen er bij u spelen om zo, gezamelijk, tot een beste oplossing te komen. Oftewel, hoe kan de techniek u ondersteunen in plaats van dat u de techniek moet ondersteunen.

Twee weken na de Amerikaanse presidentsverkiezingen zijn Facebook, Twitter en YouTube nog altijd volop bezig met de nasleep ervan. Waarschuwingslabels worden nog altijd op berichten geplakt en het tijdelijke verbod op advertenties is verlengd.

Veel van dit soort waarschuwingen zijn te vinden op het Twitter-account van president Trump. Hij heeft zijn verlies nog altijd niet toegegeven en blijft via sociale media onder meer claimen dat er is gefraudeerd. Bewijs hiervoor is er niet.

De bazen van Facebook en Twitter moesten gisteren getuigen tegenover de Amerikaanse Senaat. Ze zeiden trots te zijn op het werk dat is verricht rond de verkiezingen, al erkenden ze ook dat er nog meer moet gebeuren. Vanuit de Senatoren was er kritiek te horen. Zo vond de Democratische senator Dianne Feinstein dat Twitter te weinig had gedaan bij het labelen, waar de Republikeinse senator Ted Cruz het bedrijf juist verweet als een uitgever te handelen.

‘Labels winst voor imago van Twitter en Facebook’

Ondertussen is het wel de vraag of de maatregelen die de techbedrijven hebben genomen, ook daadwerkelijk helpen. “Zijn de labels winst voor de democratie?”, vraagt de technologiecolumnist van The Washington Post, Geoffrey Fowler, zich af. “Ze zijn winst voor het imago van Twitter en Facebook, die zo net oplettend genoeg lijken om niet opnieuw de schuld te krijgen van het verknoeien van een verkiezing”, betoogt hij.

In een blogpost schreef Twitter vorige week dat het bij 300.000 tweets een waarschuwing heeft geplaatst; volgens het bedrijf is dit 0,2 procent van het totale aantal berichten over de verkiezingen. Een klein deel van de berichten die een waarschuwing meekreeg – 456 – werd ook afgeschermd. Twitter is gestopt met het afschermen van Trumps tweets nadat Biden was aangewezen als winnaar.

Berichten met een label werden volgens het bedrijf minder vaak gedeeld, er was een afname van 30 procent. Driekwart van de gebruikers zag de berichten pas nadat er een waarschuwing bij was geplaatst.

Volgens informatie van BuzzFeed News nam het bereik van berichten met een waarschuwing op Facebook slechts mondjesmaat af met 8 procent. Een bron bij het sociale netwerk zegt tegen de nieuwssite dat gezien het feit dat elk bericht van Trump enorm veel wordt gedeeld, zo’n daling weinig effect heeft. Meer dan 150 miljoen berichten kregen een waarschuwingslabel mee, aldus Zuckerberg gisteren tijdens de hoorzitting.

De techplatforms grijpen dan wel hetzelfde middel aan – het plaatsen van een waarschuwing – de uitvoering verschilt. De tweets van Trump die werden afgeschermd, waren bijvoorbeeld niet te retweeten (alleen met commentaar erbij). Facebook heeft geen beperkingen zitten op berichten met een label; het platform plaatst ze standaard. De berichten komen ook niet lager in het nieuwsoverzicht te staan.

Een journalist van The Wall Street Journal kreeg van Facebook de suggestie een bericht van Trump te bekijken omdat deze zo populair was:

Volgens Michael Hameleers, universitair docent politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam, kunnen waarschuwingen wel helpen. Daarbij helpt het om de melding zo specifiek mogelijk te maken, zegt hij. “Een vaag label is open voor alternatieve interpretaties en kan dus ook eenvoudig worden weerlegd door mensen die het meest geneigd zijn desinformatie te geloven.”

Twitter spreekt bijvoorbeeld over “deze claim over verkiezingsfraude is tegengesproken”, Facebook schrijft “de VS heeft regels en procedures ingesteld om de integriteit van de verkiezingen te waarborgen” en YouTube meldt dat persbureau AP Joe Biden als winnaar heeft aangewezen.

Hameleers noemt de methode van Facebook niet concreet en kan daardoor volgens hem verwarrend zijn. Twitter’s methode ziet hij als effectiever, maar kan door gebruik aan ruimte voor uitleg alsnog worden weerlegd. YouTube verwijst naar een andere bron en kan daardoor wel effectief zijn, zegt hij.

Ook benadrukt UvA-onderzoeker Hameleers dat hoewel hij denkt dat de labels helpen, je ze eerder moet zien als iets wat op lange termijn een bijdrage levert. “Het moedigt mensen aan zelf kritisch te zijn. Het creëert bewustwording, in die zin helpt het.” Hij vindt daarnaast het alternatief, niks doen of nog harder optreden, ook niet goed. “Het is in feite kiezen tussen kwaden. Een waterdicht middel is er niet.”

Geen politieke advertenties

De techplatforms zijn niet alleen voorlopig nog aan het labelen, maar Facebook en Google hebben vorige week ook besloten om het verbod op politieke advertenties vooralsnog te laten doorlopen; de verwachting is nu tot midden of eind december. De vrees is dat via dergelijke advertenties misinformatie over de verkiezingsuitslag kan worden verspreid.

NOS Tech

Vijf dagen voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen, zetten Facebook, Instagram, Twitter en YouTube zich schrap. Er wordt gevreesd dat de uitslag kan zorgen voor onrust, omdat die dagen of nog langer op zich kan laten wachten.

Waar het bij eerdere verkiezingen in de loop van de nacht of vroege ochtend (Nederlandse tijd) vaak duidelijk was wie had gewonnen, wordt er nu rekening mee gehouden dat de definitieve uitslag van de strijd tussen Donald Trump en Joe Biden pas een stuk later komt. Door de pandemie stemmen veel meer mensen per post en het tellen van die stemmen duurt lang.

Het wordt dus spannend hoe de techbedrijven de laatste dagen van de presidentscampagne doorkomen én vooral hoe het daarna gaat. Hoe reageren de platforms bijvoorbeeld als president Trump zich voortijdig tot winnaar uitroept?

Zowel Facebook, als Twitter en YouTube hebben aangekondigd bij dergelijke claims een aanvullend blokje informatie te zullen plaatsen, met de boodschap dat de uitslag nog niet definitief is.

“Op wat Trump zegt zijn ze wel voorbereid”, denkt UvA-onderzoeker Möller. “Ik betwijfel echter of ze controle hebben op andere desinformatie die niet per se direct te maken heeft met de uitslag, maar wel voor sociale onrust kan zorgen.” Bijvoorbeeld als iemand oproept de straat op te gaan of dreigt met geweld.

‘Agressieve en exceptionele maatregelen’

Naar verluidt staat Facebook klaar om, als de sociale onrust na de verkiezingen uitmondt in geweld, flinke aanpassingen te doen in wat gebruikers zien in hun nieuwsoverzicht. Dit moet de verspreiding van bepaalde berichten tegengegaan. Facebooks vicepresident Nick Clegg sprak eerder van “agressieve en exceptionele maatregelen”.

Iedereen – de platforms, maatschappelijke organisaties en de politiek – staat op dus op scherp. Dat komt ook door ervaring met de presidentsverkiezingen van 2016. Achteraf werd toen duidelijk dat Russische trollen de grote techplatforms hadden misbruikt, met als doel Donald Trump te laten winnen door nepnieuws te verspreiden (welke invloed de trollen uiteindelijk hadden, is lastig te vast te stellen, schreef datawebsite FiveThirtyEight later).

Zowel de platforms als de politiek zeiden daarna: dit moet anders. Platforms moesten meer zicht krijgen op wat er zich afspeelt én sneller handelen als het misgaat.

Gisteren werden de topmannen van Facebook, Google en Twitter nog gehoord in de Amerikaanse Senaat. Net als in de vorige zitting met de ceo’s in de zomer, deden ze dat via een videoverbinding:

De maatregelen die sindsdien zijn genomen gaan van het labelen van nepnieuws en het inhuren van factcheckers, tot het (al dan niet tijdelijk) verbieden of beperken van politieke advertenties. Ook werden er grote schoonmaakacties gehouden onder aanhangers van complottheorieën. Toch twijfelen experts of het genoeg is.

“Ze hebben echt wel wat gedaan”, concludeert onderzoeker Judith Möller van de Universiteit van Amsterdam (UvA). “Maar ik vind dat ze absoluut meer hadden kunnen doen.” Er ontbreekt met name een manier voor wetenschappers en overheden om te onderzoeken hoe het ervoor staat met desinformatie en polarisatie, zegt de onderzoeker. “Maar het is natuurlijk ook niet hun kerntaak om desinformatie te bestrijden, hun kerntaak is om reclame te verkopen. Dat is hoe ze geld verdienen.”

Twee botsende waarden

Techbedrijven maken steeds vaker keuzes, die lang niet iedereen waardeert. Zoals Facebook en Twitter de verspreiding van een rammelend artikel van de New York Post onlangs beperkten. Dat leidde tot een storm van kritiek van met name Republikeinse zijde. “De vrijheid van meningsuiting botst dan met het beschermen van het publiek tegen desinformatie”, zegt Möller. “Ook al doen ze nog zoveel, het zal niet genoeg zijn.”

Mark Deuze, hoogleraar mediastudies aan de UvA, vergelijkt het beleid van de platforms met een “zwalkend schip”. “Er staat nog wel iemand aan het roer en er is wind in de zeilen, maar alles is erop gericht het schip intact te houden.”

De vraag is dus ook óf ze het wel aankunnen. “De kluwen van politiek machtsmisbruik, propaganda en misinformatie is zo ingewikkeld geworden dat de sociale media platforms niet in staat zijn dit alleen op te lossen”, zegt hoogleraar platformsamenleving José van Dijck. “Er is in de geschiedenis niet eerder een kanaal geweest dat zo’n enorme selectie- en distributiemacht had als Facebook nu heeft.”

NOS Tech

Created by R the Company. Powered by SiteMuze.