Wij willen met u aan tafel zitten en in een openhartig gesprek uitvinden welke uitdagingen en vragen er bij u spelen om zo, gezamelijk, tot een beste oplossing te komen. Oftewel, hoe kan de techniek u ondersteunen in plaats van dat u de techniek moet ondersteunen.

De socialemedia-app TikTok is afgelopen jaar veel populairder geworden. Het aantal gebruikers steeg met bijna 150 procent. Onder jongeren is de app zelfs populairder dan Facebook, meldt onderzoeksbureau Newcom na een peiling onder ruim 7000 Nederlanders van 15 jaar en ouder.

1,7 miljoen Nederlanders gebruiken TikTok en dat zijn er bijna 2,5 keer zoveel als een jaar geleden. Het dagelijks gebruik verdrievoudigde zelfs. Elke dag zitten nu ruim 800.000 Nederlanders op de app om video’s te plaatsen of te bekijken.

Onder jongeren groeit TikTok het snelst. In de leeftijdsgroep van 15 tot en met 19 jaar nam het aantal gebruikers toe van 180.000 naar 490.000. Onder 20- tot en met 24-jarigen groeide het van 110.000 naar 360.000.

WhatsApp blijft populairst

WhatsApp is met 12,4 miljoen gebruikers nog altijd de populairste socialemedia-app, gevolgd door Facebook en YouTube. Naast TikTok zijn de grootste stijgers Tumblr (24 procent groei), Pinterest (10 procent) en LinkedIn (6 procent).

Instagram staat op de vierde plek met 5,9 miljoen gebruikers, 5 procent meer dan vorig jaar. Een jaar geleden was de groei nog 14 procent. Onder jongeren groeit de app inmiddels bijna niet meer, constateren de onderzoekers.

Meer apps, iets korter online

Gemiddeld zijn Nederlanders actief op 3,9 verschillende apps, tegenover 3,7 vorig jaar. Dagelijks zitten ze op 2,1 platformen en dat was vorig jaar 1,9.

Jongeren besteden ook een stuk meer tijd op sociale media. 15- tot en met 19-jarigen schatten in dat ze er dagelijks gemiddeld 2 uur en 40 minuten online zijn, 17 minuten langer dan vorig jaar. In totaal daalde de tijd van alle leeftijdsgroepen op sociale media juist met 1 minuut, naar 1 uur en 37 minuten.

NOS Tech

Kinderen die het slachtoffer worden van seksueel misbruik, komen steeds vaker via sociale media in contact met de dader. Dat blijkt uit onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut.

In meer dan een kwart van de onderzochte zaken werd vorig jaar het eerste contact met het slachtoffer via apps als Snapchat en Tiktok gelegd. Twee jaar geleden ging het nog om 11 procent.

Artsen van het NFI keken in opdracht van de politie en het Openbaar Ministerie naar 86 acute zedenzaken waarbij tieners tussen 11 en 15 jaar het slachtoffer werden. Een zaak is acuut als het seksueel misbruik in de voorafgaande zeven dagen plaatsvond. In 23 gevallen had de pleger het eerste contact gelegd op sociale media, waarvan de meeste op de populaire app Snapchat.

Veel jongeren en kinderen gebruiken Snapchat voor het maken en delen van foto’s en video’s, die tijdelijk zichtbaar zijn.

Impact niet onderschatten

“We zien een duidelijk stijgende tendens van de invloed van sociale media in de zaken die wij onderzocht hebben afgelopen jaar”, zegt forensisch arts Wouter Karst van het NFI. “We vinden het belangrijk dit signaal te delen, om kinderen en ouders te waarschuwen.”

Jongeren brengen veel tijd achter het scherm van hun computer of smartphone door. Nu ze veel thuis zitten door de coronacrisis, brengen ze ook meer tijd door op het internet.

“Plegers weten precies hoe ze het aan moeten pakken. Ze investeren in het contact met de puber. Uiteindelijk komt het tot een fysieke afspraak met alle gevolgen van dien”, zegt Iva Bicanic, hoofd van het Centrum Seksueel Geweld. Ze noemt de cijfers zorgelijk. “De impact van dit type misbruik voor het slachtoffer en zijn of haar gezin mag niet onderschat worden.”

Chanteren

De werkwijze van de digitale kinderlokker wordt grooming genoemd. De groomer doet alsof hij geïnteresseerd is in zijn slachtoffer. Hij bouwt een vertrouwensrelatie op door over hobby’s en interesses te chatten en verzamelt zo persoonlijke informatie over de jongere.

Op een bepaald moment stuurt hij aan op seks en vraagt hij zijn contact zich uit te kleden of seksueel getinte foto’s te sturen. Daarmee chanteert hij het slachtoffer en kan hij druk uitoefenen om ook daadwerkelijk ergens af te spreken.

Ook de politie onderschrijft de de toenemende rol van smartphones en sociale media in zedenzaken. “We zien in vrijwel alle zedenzaken, zowel bij volwassen als minderjarige slachtoffers, dat slachtoffers en verdachten met elkaar communiceren, voor of na het incident”, zegt Lidewijde van Lier van de politie. “We onderstrepen zonder twijfel het belang om alert te zijn op online gedrag van kinderen.”

NOS Tech

Het is voorbij voor Trump op Twitter: het account van de Amerikaanse president is voorgoed van het sociale medium verbannen. Nogal een moment, want Twitter was niet zomaar een sociaal medium voor Trump. Hij gebruikte zijn account onder meer om kritiek te leveren, beleid te testen, mensen te ontslaan en te dreigen.

De president gebruikte Twitter ruim tien jaar. Met bijna 90 miljoen volgers viel hij net buiten de top-5 van populairste accounts. “Twitter was zijn meest belangrijke spreekbuis”, zegt Amerika-kenner Markha Valenta. “Twitter heeft voor Trump een wezenlijke rol gespeeld in het omzeilen van de bestaande media en het direct toespreken van zijn achterban. Door dit sociale medium ontwikkelden zijn volgers een persoonlijke verhouding met hem, die normaal niet mogelijk was geweest.”

Ook kon hij op het medium proefballonnen en beleidsstandpunten lanceren. “Als hij dan veel reacties kreeg, wist hij dat hij iets goeds te pakken had.” Vervolgens ontwikkelde hij daar dan een campagne omheen in de ‘echte wereld’, zegt de Amerika-kenner.

Covfefe

Het afgelopen decennium heeft Trump ruim 57.000 tweets verstuurd, gemiddeld zo’n 15 per dag. De tweet die de meeste grappen opleverde, was degene uit 2017 waardoor #covfefe trending werd. Waarschijnlijk wilde de president het woord press coverage typen, maar binnen de kortste keren stonden sociale media al vol met grappen: “Is Trump tijdens het twitteren in slaap gevallen?”

Ook waren na een paar uur al alle domeinnamen met ‘covfefe’ erin uitverkocht en kocht iemand een nummerbord met het woord erop.

De tweet in oktober waarin bekend werd gemaakt dat Trump en zijn vrouw Melania positief waren getest op corona, is zijn meest gelikete én gedeelde tweet. De president verdween vanwege zijn besmetting 14 uur lang van Twitter, wat de speculaties voedde dat het niet goed met hem ging. Uiteindelijk maakte hij na die Twitter-stilte duidelijk dat er geen vuiltje aan de lucht was, en zei hij dat hij “zich beter voelde dan twintig jaar geleden”.

Veel onrust ontstond er over een tweet in mei van Trump over ongeregeldheden in Minneapolis vanwege de dood van de zwarte Amerikaan George Floyd.

Trump zei in die tweet “when the looting starts, the shooting starts”. Hij gebruikte daarmee dezelfde woorden als Walter Headley, een politiechef in Miami in 1967, die meermaals in opspraak raakte vanwege zijn gedrag tegen de zwarte gemeenschap. Er kwam veel kritiek op die tweet en op het besluit van Twitter en Facebook om het bericht niet te verwijderen. Twitter verborg de tweet overigens wel.

Ook andere onderwerpen gingen viral. Zoals een naar eigen zeggen gephotoshopte foto en een echte gephotoshopte foto van Trump (op het lichaam van filmpersonage Rocky Balboa), een ontslag en de muur tussen Mexico en de VS.

Ook uitte Trump over veel dingen twijfels, zoals over het feit dat zijn voorganger Barack Obama in de VS is geboren. “Dit was een van de eerste politieke proefballonnen van Trump op Twitter. Toen hij hier veel reacties op kreeg, besloot hij vol te houden dat Obama niet legitiem was als president”, zegt Valenta. “Zo is hij politiek echt zichtbaar geworden.”

Trump heeft inmiddels erkend dat Obama geboren is in de VS.

En een situatie die bijna escaleerde in 2017, na opmerkingen van de Noord-Koreaanse minister van Buitenlandse Zaken over raketten die het vasteland van de VS konden bereiken. Trump reageerde daarop met een tweet waarin hij leider Kim Jong-un ‘kleine raketman’ noemde en Noord-Korea bedreigde.

Trump werd afgelopen woensdag al 12 uur verbannen omdat hij in zijn tweets niet voldoende afstand nam van de gewelddadige meute die het Amerikaanse Congres binnenstormde. Daarna ging Trump toch door met twitteren. Hij schreef onder meer dat hij niet naar de inauguratie van Biden zou gaan en roemde zijn aanhangers. Dat was voor Twitter de druppel: het bedrijf besloot Trump te verbannen vanwege “het risico op verdere aanzet tot geweld”.

Trump gebruikt ook nog @POTUS, het officiële account van de president. Maar er is een kleine kans dat hij via dat account ooit nog kan twitteren, zegt NOS-techredacteur Joost Schellevis.

Mede door tweets van Trump kwam er een steeds bredere oproep aan Twitter om onjuiste tweets te verwijderen of van een waarschuwing te voorzien.

“Bij de presidentsverkiezingen van 2016 konden onwaarheden vrijwel zonder problemen de rondte doen”, zegt Schellevis. “Dat moest anders, vond ook Twitter zelf.” Veel van Trumps tweets werden van een waarschuwing voorzien, bijvoorbeeld omdat ze misleidend waren over de uitkomst van de verkiezingen.

Naar Parler?

Trump zal sowieso een andere manier vinden om zijn standpunten met de buitenwereld te communiceren. Hij zal eerst een ander sociaal medium zoeken, verwacht Valenta. Een Twitter-alternatief is Parler, dat vooral populair is onder rechtse gebruikers en ook onder druk staat. “Maar als dat niet lukt, verbaast het me niet als hij een eigen mediakanaal opzet. Zolang hij maar zijn eigen boodschap naar buiten kan brengen.”

Of hij maakt een nieuw, geheim account aan. Twitteraars hebben al genoeg ideeën:

Hij kan nog altijd op het account van Melania inloggen, suggereren anderen:

NOS Tech

Mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) maakt zich zorgen over de regels rond het archiveren van foto’s en video’s die socialemediaplatforms verwijderen. Een deel van dat materiaal zou volgens HRW van pas kunnen komen in onderzoek naar oorlogsmisdaden.

Beeldmateriaal dat volgens YouTube, Facebook en Twitter geweld verheerlijkt, of terreur of extreem geweld laat zien, worden door algoritmes snel verwijderd. Vaak nog voordat iemand het te zien krijgt.

Omdat er bijna geen menselijk oog aan de verwijdering van het materiaal te pas komt, is de organisatie bang dat potentieel bewijs van oorlogsmisdaden ongezien blijft.

Niet beschikbaar voor journalisten en wetenschap

“Een deel van de inhoud die Facebook, YouTube en andere platforms verwijderen, heeft een cruciale en onvervangbare waarde als bewijs van wreedheden op het gebied van mensenrechten”, zegt Belkis Wille, hoofd crisis- en conflictonderzoek bij Human Rights Watch.

Het verwijderde materiaal wordt volgens de organisatie niet altijd goed gearchiveerd, en wat er nog wel is, is dan alleen maar beschikbaar voor juridische instanties. En dus niet voor internationale wetenschappers, onderzoekers en journalisten, stelt HRW.

HRW zegt in een rapport dat er geen bewijs is gevonden dat de platforms ooit beeldmateriaal aan onafhankelijke maatschappelijke instellingen of journalisten beschikbaar heeft gesteld. Het rapport heet Video niet beschikbaar – Sociale Mediaplatforms Verwijderen Bewijs van Oorlogsmisdaden.

Onafhankelijke partij

De mensenrechtenorganisatie stelt een transparant systeem voor, waarin de platforms beeldmateriaal met mogelijk oorlogsmisdaden bij een onafhankelijke derde partij onder kunnen brengen. Dat systeem zou dan toegankelijk moeten zijn voor onderzoekers, justitie en andere belanghebbenden.

Daarnaast vindt HRW dat sociale media moeten voorkomen dat hun verwijderingssystemen te breed of te bevooroordeeld zijn ingesteld en moeten gebruikers in beroep kunnen gaan tegen verwijdering.

NOS Tech

Created by R the Company. Powered by SiteMuze.